Ondernemerschap voor Ontwikkeling

In het westen is Entrepreneurship vrij populair. Het biedt studenten, jonge mensen in het algemeen, een gelegenheid om voor zichzelf te beginnen, eigen baas te zijn, iets creatiefs te doen, en door kleine initiatieven de wereld te veranderen. In ontwikkelingslanden krijgt Entrepreneurship ook steeds meer aandacht. De reden is iets anders: er zijn eenvoudigweg geen banen. Dan kun je beter zelf iets proberen. Ook donoren en niet-gouvernementele organisaties ondersteunen die beweging. Men wil graag nieuwe initiatieven van onderaf ondersteunen, zodat mensen een inkomen hebben, maar een liefdadigheidsproject moet wel eindigen op een duurzame manier. Dat betekent, dat het op eigen kracht verder moet kunnen. Dus moet er een verdienmodel bij.

Er zijn veel mooie initiatieven en voorbeelden van ondernemerschap in ontwikkelingslanden. Een aantal daarvan worden op deze website voor het voetlicht gebracht. Er doen zich natuurlijk ook veel problemen en obstakels voor. Het is daarom van groot belang niet naïef ondernemerschapsmodellen uit het westen in ontwikkelingslanden te repliceren. Het is beter van meet af aan rekening te houden met een aantal problemen die men kan verwachten. Die moeten mede opgelost worden in een succesvol businessmodel.

Die problemen doen zich allereerst voor op het niveau van het individuele bedrijf. Als een bedrijf te autoritair geleid wordt, en als aanpassing aan de groep een conditie van overleven is, dan ontwikkelen werknemers niet de capaciteit om een eigen oordeel te hebben en met nieuwe ideeën te komen. Voeg daarbij gebrek aan planning en het belang van status en loyaliteit aan de top, dan is het gemakkelijk voor te stellen wat voor problemen een bedrijf moet zien te overwinnen. Want een dergelijke bedrijfscultuur leidt niet tot een hoge productiviteit. Het kan wel anders, maar ondernemers moeten het bewust op de agenda zetten. Ze moeten er een strategie voor in huis hebben.

Samenwerking tussen bedrijven en overheidsinstanties en tussen bedrijven onderling, en met klanten en toeleveranciers is vaak ook een probleem. Vaak is de samenleving gecompartimentalisereerd: als je niet bij het juiste verticale netwerk hoort met belangrijke mensen aan de top die je verder kunnen helpen, liggen er allerlei obstakels op je weg. Ook daarvoor moet een bedrijf dus een strategie hebben.

Tenslotte moet de samenleving liefst goedwerkende instituties hebben van overheidswege. Vaak hebben mensen in belangrijke posities privileges, zodat de overheid geen gelijk speelveld creëert voor onderlinge concurrentie. Dat kan problemen opleveren bij het verwerven van toestemming voor importen, licenties en dergelijke. Als er geen “contract enforcement”, dat wil zeggen geen deurwaarders en incassobureaus, of ze zijn omkoopbaar, dan levert ook dat extra problemen op. Enzovoort. Ondernemerschap is dus belangrijk maar ook verweven met de rest van de maatschappij. Als een bedrijf bewust werkt aan teamvorming, professionaliteit, kwaliteit, kan ook een individueel bedrijf een belangrijke veranderende maatschappelijke kracht zijn. Zowel in rijke landen als in ontwikkelingslanden zijn kleine ondernemingen onder geïnspireerde leiding en met goede teamgeest de weg voorwaarts. In ontwikkelingslanden doorbreken zij de gesloten compartimenten. In rijke landen doorbreken zij de individualisering en fragmentarisering: het gevoel toch maar een radertje in een grote machine te zijn. Ondernemerschap is in die zin veel meer dan alleen maar de kost verdienen. Als mensen samen de kost verdienen, dan werkt dat verbindend.